Uit de recensies: "Spannende, zeer geloofwaardige politiethriller!" "Spanning van eigen bodem" "Realistisch en spannend"

Een bittere pil (preview)

Naar buiten, ik moet naar buiten. Lucht!

De deur knalt achter me dicht en ik begin te lopen. Maakt niet uit waarheen, als het maar weg is. Weg van die verstikkende sfeer, weg van die onrealistische verwachtingen, weg van het huis dat niet mijn thuis is.

Het is druk op de Rozengracht. Taxi’s rijden af en aan en lijn 17 schiet rinkelend voorbij. Het voetgangerslicht staat op rood, maar zodra ik een gaatje zie steek ik over, een bezorgbrommer die met een idiote snelheid van rechts komt, ontwijkend.

Waar ga ik heen? Ik heb niet eens iets bij me. Lekker handig. En eigenlijk is mijn corduroy jack bepaald niet geschikt voor deze temperatuur. Sterre staat ergens op een piste. Ook kutouders, maar dan in elk geval kutouders met geld. Daar kan ik dus niet aankloppen. Daniël zit bij zijn vader in Den Haag. Godsamme. Leefde oma nog maar. Bij haar kon ik altijd terecht. 

Ik steek de Marnixstraat over en loop verder de De Clercqstraat in. Bij gebrek aan een plan blijf ik doorlopen en probeer de langzaam opkomende paniek te onderdrukken. Als ik maar niet meer terug hoef. Het Vondelpark. Misschien zie ik daar wel klasgenoten. En anders loop ik door naar het Museumplein.

Opgelucht dat ik toch iets van een doel heb, steek ik mijn handen zo diep mogelijk in de zakken van mijn jack. De schemering gaat langzaam over in duisternis als ik het park binnenloop. Desondanks is het er druk. Honden en kinderen worden uitgelaten en fanatieke hardlopers schieten me voorbij. Ondanks de recreërende massa voel ik me alleen. Ik hoor er niet bij. Ik ben hier niet voor mijn lol of om er kilo’s af te sporten. Ik volg een paadje dat leidt door een donker stukje park en dat kennelijk niet geliefd is bij de andere parkgangers. Er staat een bankje dat zicht geeft op het donkere water van de vijver. In een opwelling plof ik erop neer.

‘Lekker aan de wandel?’ Ik schrik me te pletter en kijk met een ruk om in de richting van de stem. Op een bankje naast dat van mij zit iemand, opgeslokt door de duisternis.

‘Ach ja,’ antwoord ik aarzelend.

‘Ik vind dit gedeelte altijd het fijnst omdat het hier rustig is en donker.’ Ik knik. Alsof hij dat kan zien.

Naast me klinkt het geluid van een blikje dat wordt opengemaakt.

‘Wil je er ook een?’

Meesterlijk verraad

De Medina

Moord in de Oostvaardersplassen